Kennismanagement, De Praktijk
Recensie van: "Kennismanagement: de
praktijk", Mathieu Weggeman
Scriptum, ISBN 90 5594 180 8

Voor de
goede verstaander en serieuze lezer
maakt dit boek de belofte van de titel
helemaal waar. Het boek levert het
grootste rendement op door Weggeman
consequent te volgen in zijn opbouw van
dit boek. Dan lukt het prima om, zoals
ik dat noem, door Weggeman ‘de juiste
KM- bril opgezet te krijgen’ waardoor je
dan vervolgens naar allerlei
praktijkvoorbeelden kijkt die je,
dankzij die ‘KM-bril’, op de juiste
waarde kunt schatten en waarvan je veel
kunt leren.
Voor een aantal mensen echter zal de
titel hen op het verkeerde been zetten
en zal het boek teleurstellen. Dat ligt
niet zozeer aan Weggeman (alhoewel hij
natuurlijk een andere titel had kunnen
verzinnen); ook uit eerdere recensies (zoals
in de Volkskrant) blijkt dat velen nog
steeds de ‘Haarlemmer Olie’ zoeken
waardoor ze op een achternamiddag
middels KI (een kleine Kennismanagement
Ingreep) de concurrentie ver achter zich
kunnen laten. Dergelijke kant-en-klare
algemeen toepasbare recepten levert
Weggeman niet, en het lukt hem
uitstekend om in de eerste twee
hoofdstukken duidelijk aan te geven
waarom die ook helemaal niet (kunnen)
bestaan. Ook lukt het Weggeman goed om
aan te geven hoe er wel degelijk tot
effectieve KM initiatieven kan worden
overgegaan en de weg die daarvoor
bewandeld moet worden; en dáár gaat de
titel dus wel degelijk over.
Weggeman staat ferm en rotsvast met
minstens één voet in de theorie en wil
met dit boek zijn andere been in de
praktijk plaatsen; “hoe van awareness
voor en theorie van KM nu verder te gaan
… met dit boek is getracht een deel van
het antwoord op die vraag te geven” (pag.
26). Weggeman wil een brug zijn van
theorie naar praktijk en dat lukt hem
goed. Wie echter van de andere kant wil
komen en via ‘oplossingen’ tot KM wil
komen dient zich te realiseren dat
praktisch KM en het concept KM zich
verhouden als koe en rund: een koe is
een rund maar een rund is zeker niet
persé een koe…
Het is Weggeman buitengewoon goed gelukt
om kort en bondig aan te geven hoe de
dynamische KM-praktijk er uitziet in
allerlei uitingen en vormen van KM
toepassingen (Hoofdstuk 4). We krijgen
een boeiende caleidoscopische blik op
soms uiterst berekenend en soms uiterst
avontuurlijk en iteratief uitgevoerde
praktijken, en alles wat daartussen zit.
Vanaf blz. 169 krijgen we detailfoto’s
te zien van het landschap dat t/m blz.
168 is beschreven. Wie dit boek echter
op blz. 169 begint te lezen ziet slangen,
boomstronken en stokken waar de goede
lezer (begonnen op blz. 11) duidelijk de
staart, poot en slagtand herkent van de
olifant die in de drie eerste
hoofdstukken is neergezet. Een gemiste
kans is daarom wellicht het niet
terugkoppelen van de praktijkvoorbeelden
uit hoofdstuk 4 naar de essentie van de
eerste drie hoofdstukken; de Missie,
Visie en Doelstellingen waaruit alle KM
initiatieven ontstaan en cyclisch worden
getoetst. Van mij hadden de voorbeelden
iets uitgebreider gemogen en
nadrukkelijk in de context van KM (hoofdstuk
1 t/m 3) geplaatst mogen worden.
Hierdoor zou de brug wellicht ook van
praktijk naar theorie begaanbaar geweest
zijn.
‘Kennismanagement: de praktijk’ levert
de oprechte en serieus geïnteresseerde
een relevant en zeer geconcentreerd
aanbod van inzicht in kennis en leren,
informatie over kennismanagement theorie,
modellen voor structureren en inrichten
van organisaties, vele
praktijkvoorbeelden van KM initiatieven
en visie op kennis in de
maatschappelijke context. En dat alles
tussen twee kaften die slechts 242
pagina’s van elkaar liggen.
De zaak van
'de definitie':